Terwijl een groot aantal Westerse landen vorig jaar hevige kritiek uitte op de herverkiezing Mahmoud Ahmadinejad was er ook steun voor het Iraanse staatshoofd. Leiders van economisch opkomende landen als Brazilië, Rusland, India, China (BRIC) en Turkije accepteerden de aanstelling van Ahmadinejad zonder morren. De Venezolaanse president, Hugo Chávez, was zelfs een van de eerste staatshoofden ter wereld die Ahmadinejad feliciteerde met zijn overwinning. De steun is opmerkelijk maar komt niet onverwachts.

Het bewind van Ahmadinejad heeft zich bekwaam getoond in het omzeilen van sancties en in het smeden van allianties; als er een kampioenschap voor regime survival zou bestaan, dan zou het hoge ogen gooien. Het Iraanse regime neemt immers al jaren zowel internationaal als regionaal gezien een geïsoleerde positie in. In het Midden-Oosten heeft Iran alleen aan Syrië een bondgenoot en na de oorlogen in Irak (2003) en Afghanistan (2001) hebben de VS in elk aan Iran grenzend land een militaire basis. Het is voor Ahmadinejad’s regime daarom van strategisch belang om vrienden buiten de regio te zoeken. En dat lukt. Iran heeft de BRICs -die tornen aan de macht van de VS- per slot van rekening een hoop te bieden. Het is gas- en olierijk en heeft een geografisch unieke positie. Teheran profiteert van de samenwerking: het versterkt haar onderhandelingspositie in het nucleaire vraagstuk.

Dat blijkt ook nu weer. De VN Veiligheidsraad heeft weliswaar ingestemd met nieuwe sancties tegen Ahmadinejad’s regime maar deze zijn afgezwakt door China en Rusland. Daardoor treffen de maatregelen de Iraanse olie- en gassector, waarin beide landen grote belangen hebben, niet. Liever hadden China en Rusland geen maatregelen getroffen maar de internationale druk was flink en met deze sancties valt leven. (Zo zijn zij in zekere zin zowel de VS als Iran van dienst). Bovendien hebben Turkije en Brazilië, de niet-permanente leden van de Veiligheidsraad, tegen de sancties gestemd. Het nucleaire akkoord dat het duo met Iran in mei is overeengekomen is genegeerd en zij vinden sancties niet het juiste instrument om Iran’s nucleaire programma in te perken.

Latijns-Amerika

Niet alleen de BRICs steunen Iran in de internationale politieke arena. Sinds de komst van Ahmadinejad in 2005 heeft de Iraanse regering veel geïnvesteerd in relaties met Latijns-Amerikaanse landen. Het regime heeft opmerkelijk sterke politieke en economische banden opgebouwd met de regeringen in Bolivia, Cuba, Ecuador, Nicaragua en in het bijzonder met Venezuela en Brazilië. Ahmadinejad speelt in op het anti-Amerikaanse sentiment dat in de regio heerst en kan door het aanknopen van vriendschappen tegelijkertijd laten zien dat Iran niet zo geïsoleerd is als het lijkt.

Tijdens de vorige presidentsverkiezingen uitte presidentskandidaat Mir-Hossein Mousavi zijn kritiek op dit buitenlandbeleid van Ahmadinejad: ‘in plaats van te investeren in de relaties met onze buurlanden heeft onze regering zich gefocust op Latijns-Amerikaanse staten.’ Volgens Ahmadinejad was het juist ‘een zeer wijze zet’ om actief aanwezig te zijn in Latijns-Amerika:‘toen de Westerse landen Iran probeerden te isoleren zijn wij naar de achtertuin van de VS gegaan en heb ik zelfs mijn sterkste anti-VS speech in Nicaragua gegeven.’ (Zie artikel Spectator)

Multipolaire wereld

Voor de BRICs en Latijns Amerikaanse landen is samenwerking met Iran niet alleen vanuit economisch perspectief interessant. Gezamenlijk streven zij naar een multipolaire wereld waarin zij ook meer politieke invloed hebben binnen multilaterale- en VN instituties. Daarnaast zien China, Rusland en India de invloed van de VS in het Midden-Oosten en Centraal-Azië graag gereduceerd worden. Goede banden met Teheran zijn dan essentieel.

In Latijns-Amerika is de invloed van de VS afgenomen doordat handelspartners als China, Rusland en Iran belangrijker zijn geworden voor Latijns-Amerikaanse landen. Kortom, de contouren van een multipolaire wereld worden steeds duidelijker zichtbaar. Met economische macht komt ook politieke macht.

Het probleem is echter dat Iran afhankelijker is van de BRICs dan de BRICs van Iran. Ondanks de afgezwakte VN maatregelen is Ahmadinejad teleurgesteld in de opstelling van China en Rusland. De VS is voor hen niet minder belangrijk dan Iran. Ahmadinejad moet dat slikken. Samenwerking met de BRICs is voor het regime de enige mogelijkheid om zich te profileren op het wereldtoneel.

Samir Streefkerk is politicoloog. Hij heeft de betrekkingen tussen Iran en Venezuela onderzocht (in het kader van zijn studie) en schrijft hier geregeld over. Momenteel is hij werkzaam voor het radio programma Argos.

Advertenties